Akkoord ABU en bonden over vernieuwde CAO voor Uitzendkrachten

Akkoord ABU en bonden over vernieuwde CAO voor Uitzendkrachten

Terug naar overzicht

Akkoord ABU en bonden over vernieuwde CAO voor Uitzendkrachten

13/10/14:

De ABU en de vakbonden FNV Bondgenoten, CNV Dienstenbond, De Unie en LBV hebben na intensieve onderhandelingen een akkoord bereikt over de wijzigingen in de lopende CAO voor Uitzendkrachten.

Dat maakten FNV Bondgenoten, De Unie en CNV Dienstenbond dinsdag bekend.

Inlenersbeloning
De in 2012 gemaakte principe-afspraak over de 'inlenersbeloning' wordt per 30 maart 2015 ingevoerd. Dat betekent dat uitzendkrachten vanaf de eerste dag een loon krijgen dat is gebaseerd op de arbeidsvoorwaarden van de inlener. FNV laat in een reactie weten verheugd te zijn dat het principe 'gelijk loon voor gelijk werk' voor uitzendkrachten gaat gelden. De bond hecht ook aan de afspraak dat 2015 een database operationeel wordt met daarin alle lonen en toeslagen, zodat zowel uitzendkrachten als uitzendbureaus kunnen opzoeken op hoeveel loon een uitzendkracht recht heeft bij de inlener.

Afstand tot de arbeidsmarkt
Voor groepen met een afstand tot de arbeidsmarkt blijft een apart loongebouw van toepassing. Dit loongebouw geldt ook voor diegene die worden bemiddeld vanuit de Participatiewet en voor mensen die via de uitzendbranche van-werk-naar-werk worden begeleid.

Gedetacheerden vast contract
Ook geldt een apart loongebouw voor uitzendkrachten met een contract voor onbepaalde tijd (fase C). Voor gedetacheerden met een vast contract in dienst van het uitzendbureau of de detacheerder geldt vanaf 30 maart een vast loon bij de uitzender of detacheerder op basis van de lonen bij inleners. Zij worden dus op basis van eigen marktconforme loonschalen beloond, die over het algemeen hoger liggen dan de huidige ABU-loonschalen.

Loonsverhoging
Bonden en werkgevers zijn verder een loonsverhoging overeengekomen van 1,8% per 29 december 2014. Na 30 maart krijgen uitzendkrachten het loon van de inlener of komen terecht in de nieuwe en hogere ABU-loonschalen.

Wet Werk en Zekerheid
In de nieuwe cao is de Wet Werk en Zekerheid verwerkt. In lijn met het sociaal akkoord zijn er vanaf 1 juli 2015 voor uitzendkrachten met zgn. 'korte contracten' (dag/week) meer zekerheden afgesproken. Voor dagcontracten in de eerste 78 weken geldt straks een garantie van minimaal 3 uur (ook zonder oproep). Voor weekcontracten geldt dat uitzendkrachten na 26 weken voor de daaropvolgende contracten een minimum-uurgarantie krijgen van het gemiddelde van de uren die in de 26 weken daarvoor zijn gewerkt. Dit wil zeggen dat iemand die 26 weken lang gemiddeld 40 uur per week heeft gewerkt, na die 26 weken ook 40 uur per week gegarandeerd krijgt. Wel kunnen weekcontracten nog steeds per week worden beëindigd.

Fase B wordt langer
Fase B (die volgt op de fase A van 78 weken) wordt per 1 juli 2015 maximaal vier jaar of maximaal zes tijdelijke contracten; dat is nu twee jaar of maximaal acht contracten. Fase B wordt dus langer en de maximale duur van een (tijdelijk) contract in B wordt ook langer. Het geeft de branche meer mogelijkheden om binnen de nieuwe kaders flexibiliteit voor inleners en zekerheden voor uitzendkrachten te organiseren.

Flex en zeker
De ABU vindt dat met deze nieuwe cao-afspraken een goede balans is gecreëerd tussen flexibiliteit en zekerheid. Jurriën Koops, directeur van de ABU: 'De nieuwe cao bevestigt dat uitzendwerk een goed georganiseerde vorm van flex is. Het akkoord biedt de branche perspectief en is goed voor de arbeidsmarkt'.

Algemeen verbindend verklaard
Voor de wijzigingen in de ABU-CAO wordt een algemeenverbindendverklaring aangevraagd bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De huidige cao is algemeen verbindend verklaard en geldt voor alle uitzendkrachten (behoudens dispensaties).

De afspraken tussen de onderhandelingsdelegaties van de ABU en de bonden worden binnenkort voorgelegd aan de leden. Na instemming van de leden is het akkoord definitief.

Bron: ABU/FNV www.flexmarkt.nl

Neem contact op voor meer informatie