Onderzoek: Verschillen tussen grote en kleine uitzendbureaus

Onderzoek: Verschillen tussen grote en kleine uitzendbureaus

Terug naar overzicht

Onderzoek: Verschillen tussen grote en kleine uitzendbureaus

19/09/13:

Middelgrote uitzenders meest optimisch – Langere uitzendperiode bij kleine uitzendbureaus

De concurrentie op de uitzendmarkt is verhevigd, maar uitzenders in het midden- en kleinbedrijf houden – meer dan grote partijen – vertrouwen in hun toekomstige positie op die markt.

Het is één van de conclusies uit het onderzoek Verschillen tussen uitzendondernemingen, dat onderzoeksbureau Panteia heeft verricht.
Het onderzoek is gefinancierd door de brancheorganisatie NBBU en het programmaonderzoek MKB en Ondernemerschap.

300 uitzendbureaus, 100 opdrachtgevers
In een uitgebreide verkenning onder 300 uitzendbureaus en 100 opdrachtgevers brengt het onderzoek de verschillen tussen grote, middelgrote en kleine uitzendbureaus uitgebreid in beeld, evenals hun verwachtingen voor de korte en middellange termijn.

Middelgrote uitzenders meest optimistisch
Uit het onderzoek blijkt dat veel ondervraagden verwachten dat de slag om meer marktaandeel de komende jaren flink zal ontbranden. Dat wordt, vooral door grotere partijen, gezien als één van de weinige wegen naar groei. Bijna 70 procent van de grote uitzenders verwacht meer of hardere concurrentie met andere uitzendondernemingen. Onder kleine uitzenders is dat percentage 40 procent.

“Het is opvallend dat de kleinere partijen ook in een moeilijke markt heel positief blijven”, zegt directeur Marco Bastian van de NBBU, brancheorganisatie van bemiddelings- en uitzendondernemingen. “Er zijn veel reacties in de trant van ‘dat biedt mij alleen maar kansen’. Zo’n houding is natuurlijk ook wel typisch des ondernemers: zodra zich een gaatje voordoet, duiken zij erin.”

Het meest optimistisch zijn de middelgrote ondernemingen. Zij zien, naast uitzenden, payrolling aan belang winnen, en verwachten dat hun klanten behoefte hebben aan deze vorm van dienstverlening.

Langere uitzendperiode bij kleine ondernemers
Kleine uitzendondernemingen hebben meer uitzendkrachten geplaatst in een langere uitzendperiode dan grote uitzendondernemers (40 versus 25%). “De verklaring hiervoor kan zijn dat kleine uitzendondernemingen een sterke binding en goed contact hebben met de uitzendkracht en inlener”, zegt onderzoeker Michel Winnubst van Panteia. Die veronderstelling verklaart ook waarom kleine en middelgrote uitzendondernemingen zo succesvol zijn in het bemiddelen van werkzoekenden met een afstand tot de arbeidsmarkt. Uit het onderzoek blijkt dat kleine en middelgrote bureaus in 2011 72.000 werkzoekenden met een ww-uitkering aan werk hebben geholpen. Dat is ruim tweederde van het totaal (106.000) aan werkhervattingen.

Tegelijkertijd zijn kleine uitzendondernemingen meer afhankelijk van een beperkter aantal klanten, en ook van een beperkter aantal diensten. Deze afhankelijkheid is een kans (biedt maatwerkmogelijkheden), maar het is ook een risico (het wegvallen van een klant kan grote gevolgen hebben).

Opdrachtgevers tevreden
Flexondernemers doen het goed in de ogen van opdrachtgevers. Gemiddeld krijgen zij een 7,8 voor hun dienstverlening aan de opdrachtgever. De kleine opdrachtgevers geven een hoger cijfer (7,9) dan de grote (7,6).

Volgens Winnubst blijkt dat de opdrachtgevers in de regel de eenmaal gekozen uitzendonderneming behoorlijk trouw zijn. Ook blijkt dat hoe groter de inlener, des te meer deze geneigd is te werken met meer bureaus. Grote klanten hechten ook, vaker dan kleine, waarde aan een uitzendbureau met meerdere vestigingen in het land. Prijs en reactiesnelheid spelen een rol, terwijl bij kleinere inleners contact en kennis van de branche en beroep zwaarder tellen.

Op de hoogte van wet- en regelgeving
Zowel kleine, middelgrote en grote uitzendbureaus geven in overgrote meerderheid aan zeer goed op de hoogte te zijn van belangrijke wet®elgeving. Van de kleine uitzendondernemingen geeft 63% aan gebruik te maken van informatie van een brancheorganisatie.

Marco Bastian vindt dat de NBBU hier nog sterker dan nu een rol in zou kunnen spelen. “Vanuit het onderzoek weten we niet of de ondervraagden zijn aangesloten bij een brancheorganisatie. Is dat niet het geval, dan is er voor ons misschien nog flink terrein te winnen en moeten we kleine bureaus overtuigen dat het grote voordelen biedt om bij een brancheorganisatie aan te sluiten”, zegt hij. “Wat ons voor ogen staat, is de professionalisering van de branche.”

Bron: www.flexnieuws.nl

Neem contact op voor meer informatie